Ik ben met de lerarenopleiding gestart om leerkracht niet-confessionele
zedenleer te kunnen worden. Allereerst omdat ik graag met mijn vak (de ethiek)
wil bezig blijven. Ik vind het een belangrijk vak, dat veel mogelijkheden
biedt. Als ik dit kan doorgeven aan jongeren en ze stimuleer om verder na te
denken en evidenties in twijfel te trekken, dan zal voor mij een belangrijk
doel bereikt zijn. Door samen te kunnen werken met jongeren is elke situatie
anders en nieuw. Op die manier blijft een job volgens mij ook steeds boeiend.
Een goede leraar kent zijn/ haar vak. Daarnaast kan hij dit ook
overbrengen op zijn leerlingen, liefst met een link naar de actualiteit.
Hij heeft oog voor eventuele persoonlijke problemen bij zijn leerlingen en
probeert ook voor hen toegankelijk te zijn. Om dit te kunnen heeft deze
leerkracht alvast vakkennis, empathie en gestructureerdheid nodig. Goed onderwijs biedt leraren de
structuren en ruimte om een goed leerkracht te kunnen zijn.
Als lesgever vind ik het belangrijk om zowel de leerkracht als de
leerlingen aan het woord te kunnen laten. Een goede klasdiscussie kan minstens
zoveel opleveren als een leerkracht die uit zijn cursus doceert. Ook de
leerstof aan de actualiteit linken is verrijkend.
Minstens zo belangrijk als wat je brengt is de manier waarop het
gebracht wordt. Wanneer een leerling de leerstof niet begrijpt, kan dit vaak
verholpen worden door structuur aan te brengen of op een heldere wijze te
formuleren. Duidelijke afspraken kunnen die structuur versterken. Want zoals de
leerstof begrijpbaar moet zijn, moet ook de leerkracht duidelijk en consequent
zijn in zijn/haar handelingen. Als leerkracht NCZ wil ik er graag kunnen zijn
voor mijn leerlingen. Binnen dit vak is er ruimte voor lossere conversaties
waarbij de leerling zichzelf kan zijn. Dit kan echter alleen tot stand komen,
wanneer er wederzijds respect is. Dus zowel van de leerling voor de leerkracht
als van de leerkracht voor de leerling.
Ook naar ouders toe aanspreekbaar zijn, vindt ik een belangrijke
eigenschap van een goede leerkracht. Duidelijke communicatie is hierin de sleutel.
Als leerkracht ben je steeds een lid van je schoolteam. Collegialiteit
draagt bij tot een goede/betere school. Ook samenwerking over verschillende
vakken heen kan een meerwaarde bieden voor zowel leerling als leraar.
Wanneer ik al bovengenoemde kenmerken kan respecteren, zal ik van mezelf
tevreden kunnen zijn als leerkracht. Achteraf zou ik graag hebben dat enkelen
van mijn leerlingen- me herinneren als een inspirerend leerkracht. Zoals
wellicht iedereen zich nog wel minstens één leraar herinnert.