zaterdag 25 mei 2013
Nascholingen
Via http://leefsleutels.be/cms/ vind je verschillende nascholingen terug. Van pesten naar samenwerken is daar één van. Wanneer leerlingen in het middelbaar terechtkomen is dit voor hen een grote stap. Het veilige van de basisschool valt weg. Het is dan belangrijk om aandacht te blijven hebben voor pesten. Zeker wanneer je elk jaar meer verhalen hoort, hoe pesten zich uitbreidt via de sociale media. Om die reden vind ik het belangrijk als leerkracht (en zeker als leerkracht zedenleer) om hier niet blind voor te zijn. Een vorming binnen dit thema, kan hierbij helpen.
Via http://www.lne.be/doelgroepen/onderwijs/mos/mos-werking/trefdagen kom je terecht op verschillende vormingen met betrekking tot milieubewustwording. Hier vinden we ook ‘Het klimaat laat je niet koud' terug. Het Milieu is een 'hot item', ook in het onderwijs. Als leerkracht zedenleer is het belangrijk jongeren bewust te maken van hun impact op het milieu. Op deze vorming kan je ideeën opdoen, hoe je dit in lessen introduceert. Ook is er aandacht voor extra activiteiten die je op schoolniveau kan organiseren.
zondag 5 mei 2013
Tower eindreflectie update 5/7/2013
Ik kan het!
Het leerproces dat ik doormaakte is anders verlopen dan ik verwachtte.
Voor ik aan de Tower begon, had ik verwacht om tot op een bepaald niveau gebruik te kunnen maken van mijn kennis die ik met de vorige kubus had opgedaan.
Echter de opbouw verliep volledig anders. Ik moest opzoek naar nieuwe informatie en andere technieken.
Voor ik aan de Tower begon, had ik verwacht om tot op een bepaald niveau gebruik te kunnen maken van mijn kennis die ik met de vorige kubus had opgedaan.
Echter de opbouw verliep volledig anders. Ik moest opzoek naar nieuwe informatie en andere technieken.
Elk deel opnieuw had een aparte methode nodig die ik me eigen diende te maken om verder te kunnen.
Bij de vorige blog had ik de top van de toren reeds onder de knie. Echter opnieuw bleef ik zitten met de juiste bovenste laag creëren. (Het draaien van de hoeken) Echter het probleem bleek op te lossen met een eerder gebruikte methode.
Ook hier was het een kwestie van de hoeken te laten roteren tot ze op een juiste plek komen.
Nu kan ik de 'Toren', zonder extra hulp maken. Wat ik niet kan, is -zoals je soms op filmpjes ziet- de kubus in 20 á 25 bewegingen maken. Ik kan hem opbouwen vanuit de theorie die ik ken. Er zijn mensen die dit puur op inzicht kunnen. Deze hebben niet zoveel tussenstappen als ik nodig. Toch begin ik ook in staat te zijn om af en toe een stap over te slaan, als ik zie dat een bepaalde situatie zichzelf in een volgende fase zal oplossen.
De leercirkel van Kolb was duidelijk aanwezig in mijn leren.
Steeds had ik een concreet ervaren van het probleem, waarna ik eerst moest nadenken over wat voor oplossing ik nodig zou hebben (reflectief waarnemen). Hierna kon ik gaan grasduinen in reeds opgedane kennis, of websites die verschillende oplossingen aanbieden (theorie). Hierbij wil ik opmerken dat het niet zo eenvoudig is als het na-apen van filmpjes op het internet. Dit is naar mijn mening ongelofelijk moeilijk om een kubus op dergelijke manier op te lossen. Hoe eenvoudig het ook kan lijken, je hebt steeds een inzicht nodig. Hetgeen het internet wel biedt zijn algoritmes die, wanneer juist gevolgd, ervoor zorgen dat je blokken steeds op een zelfde manier roteren (en dus ook de reeds juist geplaatste blokken ongemoeid laten).
Wanneer je die dus op het juiste manier gebruikt, bieden zij mee het antwoord. Dit laatste is dus een actief experimenteren met de opgedane kennis.
Dit heeft er dus tot geleid dat ik vandaag de Toren ook onder de knie heb
Wat heb ik geleerd over het leerproces en wat neem ik mee naar de praktijk.
Leren is onbekend terrein betreden en de uitdaging aangaan om je iets
nieuws eigen te maken. In het leerproces is het dan ook belangrijk om iets goed
of duidelijk aangeboden te krijgen. Je kan immers 7 keer naar dezelfde uitleg
kijken, als je het de eerste 2 keer niet begrijpt, zal je het waarschijnlijk de
7e keer ook niet begrijpen.
Daarom moet je steeds op zoek gaan naar
andere manieren om hetzelfde uit te leggen. Zo heb ik inzicht verworven in
bepaalde rotaties in de Tower. Wanneer ik fimpjes bekeek, begreep ik vaak niet wat er gebeurde en kon ik moeilijk volgen. Echter gecombineerd met een schriftelijke uitleg over het logaritme, kon ik vaak stap voor stap verder gaan.
Dit is iets wat ik ook graag wil meenemen als leerkracht. Wanneer een leerling na je uitleg niet begrijpt wat je bedoelt, moet je als leerkracht durven jezelf (en dus je uitleg) in vraag te stellen en je informatie op een andere manier proberen overdragen.
Dit is iets wat ik ook graag wil meenemen als leerkracht. Wanneer een leerling na je uitleg niet begrijpt wat je bedoelt, moet je als leerkracht durven jezelf (en dus je uitleg) in vraag te stellen en je informatie op een andere manier proberen overdragen.
Leren kan op verschillende manieren. Ik ben iemand die graag eerst de theorie
bekijkt alvorens te beginnen experimenteren en te leren door te doen. Ik wil
eerst de theoretische basis begrijpen en zal er in het leerproces vaak naar
terugkoppelen. Echter velen vertrekken vanuit het experimenteren, waarna ze op zoek gaan naar
de onderliggende theorieën. Leren is voor mij naast theorie ook vooral veel
doen. Vaak herhalen én durven fouten maken. Op zoek naar juiste volgende
stappen zat ik vaak in mijn zetel aan de Tower te draaien en te zoeken
naar logische rotaties. Met een alcoholstift zette ik dan stippen op
welbepaalde blokjes om te zien waar welk deeltje heen ging. Het is dit inzicht
dat belangrijk was om stappen te kunnen zetten.
Dit maakt ook dat de Tower niet zo gemakkelijk op te lossen valt voor mensen
die er niet “mee bezig zijn”. Je kan niet zomaar een rotatiebeweging leren, zonder
te begrijpen wat je doet.
Dit principe is belangrijk om mee te nemen naar de onderwijspraktijk.
Laat leerlingen dingen doen en zelf ondervinden. Dit zal hem meer inzicht geven
dan wanneer stof voor hen voorgekauwd wordt. Biedt de kennis ook op verschillende manieren aan, zodat je verschillende leertypes aanspreekt.
Het is ook niet makkelijk om kennis, waar je zelf inzicht in hebt, over
te dragen op anderen. (Een goede violist is daarom nog geen goed vioolleraar) Ik vind het als vakleerkracht belangrijk om hier steeds oog voor te hebben. Wat
mijn domein betreft (het domein van de ethiek) weet ik dat dit voor mij vaak
erg vanzelfsprekend en interessant is. Echter voor velen komt dit vaak over als
abstracte-ivoren-toren stof. Het is als vakleerkracht dan ook mijn doel om toch
een deel van mijn passie voor het vak over te dragen op leerlingen, door op
verschillende manier de verscheidenheid van het domein aan te tonen. Hierbij is de link naar de realiteit en actualiteit belangrijk. De leerlingen doen inzien wat de rol van ethiek in hun eigen leven kan zijn.
Deze jongeman staat al een stukje verder dan ik ;)
dinsdag 30 april 2013
Bemerkingen deontologie
Na het bekijken van de filmpjes zijn me een aantal zaken bijgebleven:
Zo was ik geschrokken dat een school (onder voorwaarden weliswaar) camera's mag plaatsen. Ik dacht dat dit sowieso 'not done' was. Gelukkig zijn er wel een aantal regels die de inbreuk op de privacy beperken.
Daarnaast vind ik het goed dat partijpropaganda niet thuis hoort in het klaslokaal. Het is de taak van leraren om te informeren over mogelijke keuzes. De leerkracht mag echter niet beïnvloeden voor wie je zal stemmen. Niet door opmerkingen en niet door zelf reclame te maken voor zijn eigen partij. Een leerkracht mag wel opkomen voor een partij, dit wil niet zeggen dat hij de school mag gebruiken als campagneplaats. Gelukkig..
maandag 29 april 2013
Tussentijdse reflectie 2 Tower
Vorige keer dacht ik het middelste deel van de toren onder de knie te hebben. Dit bleek nadien een te optimistische opvatting.
Er bleek een kleine toevalsfactor mee gemoeid.80% Van de keren lukte het om het binnenste vlak op te lossen, echter met de overige 20% bleek ik met gedraaide blokken te zitten, die ik niet juist gepositioneerd kreeg.(Concreet ervaren)
Om die reden ben ik de blokjes beginnen nummeren om te kijken welke effect een rotatie exact op alle blokken had. (reflectief waarnemen) Zo zag ik dat ik soms een reeks een paar keer moest uit voeren om de blokken, om de gewenste zijden op een bepaalde plek te krijgen. Echter in bepaalde situaties leek deze reeks geen oplossing te brengen.
De theorie die ik voor handen had, schoot naar mijn inzicht tekort. Hoe ik ook de voorgeschreven reeksen probeerde, ik bleef in 20% van de situaties met een probleem zitten dat ik niet opgelost kreeg. Om hier aan uit te raken vroeg ik me af hoe dit opgelost werd in een 2X2X2 kubus. Het probleem is immers hetzelfde. Op zoek naar nieuwe theorie dus. Hiermee kon ik wat. Nu begreep ik nu beter waarom iets soms lukte en een andere keer weer niet.
Nu kan ik het binnenste deel van de Tower steeds opnieuw opbouwen (actief experimenteren). Beter begrijpend hoe ik het best te werk ga. De top van de toren heb ik reeds onder de knie. Echter opnieuw bleef ik zitten met de juiste bovenste laag creëren. We komen dichter bij het doel..
Om die reden ben ik de blokjes beginnen nummeren om te kijken welke effect een rotatie exact op alle blokken had. (reflectief waarnemen) Zo zag ik dat ik soms een reeks een paar keer moest uit voeren om de blokken, om de gewenste zijden op een bepaalde plek te krijgen. Echter in bepaalde situaties leek deze reeks geen oplossing te brengen.
De theorie die ik voor handen had, schoot naar mijn inzicht tekort. Hoe ik ook de voorgeschreven reeksen probeerde, ik bleef in 20% van de situaties met een probleem zitten dat ik niet opgelost kreeg. Om hier aan uit te raken vroeg ik me af hoe dit opgelost werd in een 2X2X2 kubus. Het probleem is immers hetzelfde. Op zoek naar nieuwe theorie dus. Hiermee kon ik wat. Nu begreep ik nu beter waarom iets soms lukte en een andere keer weer niet.
Nu kan ik het binnenste deel van de Tower steeds opnieuw opbouwen (actief experimenteren). Beter begrijpend hoe ik het best te werk ga. De top van de toren heb ik reeds onder de knie. Echter opnieuw bleef ik zitten met de juiste bovenste laag creëren. We komen dichter bij het doel..
zondag 28 april 2013
tower
Deze tower wordt opgelost in 17 seconden. Ik heb echter opgemerkt dat de jongen het filmpje dezelfde methode als mij gebruikt. Hoe indrukwekkend het er ook uit ziet, het is voornamelijk een kwestie van snelheid, deze jongen heeft niet het inzicht van iemand die een kubus oplost in 20 bewegingen. De één bouwt op de ander vertrekt vanuit een 'zien' waarna hij enkel de noodzakelijke bewegingen toepast. Het blijft echter fascinerend om naar te kijken.
Vakdidactiek Sessie 2
Op het einde van vorige sessie vakdidactiek werd ons gevraagd naar input voor de volgende les.
Voor deze les stond bijgevolg 'Een veilig klasklimaat creëren' op het programma.
Bij aanvang van de les werden we in groepjes verdeeld om spelen uit te kiezen en die vervolgens met de klas te spelen.
Deze spelen hadden een groepsopbouwend effect.
Dit was een toffe activiteit die onmiddellijk de verschillende mogelijkheden van een groep bloot legden.
Na de verschillende activiteiten werden deze spelen gekoppeld aan theorie rond groepsvorming. Zo zagen we ook op welke aspecten van de groepsvorming de activiteiten haar effect hadden. Het zelf 'doen' zorgde ervoor dat we geënthousiasmeerd werden. De theorie zorgde er nadien voor dat we ook de achterliggende mechanismen begrepen.
Tot slot bekeken we interessante casussen uit praktijksituaties. Zo zagen we ook verschillende mogelijke oplossingen voor een aantal problemen.
Voor mij was dit een erg toffe invulling van de sessie vakdidactiek. Ik ga met concrete ideeën naar huis. In de hoop ze ooit in mijn eigen lessen te kunnen gebruiken. Dit was wat ik van een sessie vakdidactiek verwachte. De honger waar ik bij de vorige sessie op bleef zitten, is nu veel meer ingelost. Ik kijk dan ook uit naar de volgende sessie.
Deontologie: Mag een leerkracht een gsm van een leerling afnemen?
gsm gebruik in de les
by: stardust006
De concrete toepassing van de wetgeving maakt de soms moeilijk te lezen regels echt duidelijk en concreet.
Ook is het voor leerlingen een toffe manier om creatief bezig te zijn. Deze tool vind ik persoonlijk nog wat te beperkt in zijn middelen maar ik ben er zeker van dat er meerdere tools met meerdere mogelijkheden zijn.
Wel vind ik dat we steeds moeten bewaken dat het gebruik ervan pragmatisch is. Het gevaar bestaat er immers in dat we dit gebruiken om te gebruiken. De leerling moet er volgens mij ook steeds van leren. Anders heeft dit weinig meerwaarde..
vrijdag 5 april 2013
taalgericht vakonderwijs
Hoe taalgericht onderwijzen in een les zedenleer?
De lessen zedenleer werken vaak rond een bepaald thema. Zo kan het bijvoorbeeld gaan over erfelijkheid.
( De leerplannen voor het de 3e graad in een ASO richting vernoemen rond het thema erfelijkheid ook eugenetica, klonen, gedragsgenetica etc.. http://www.ribz.be/Dynamische%20leerplannen/secundair/PDF/3degraadASO.pdf )
Wanneer we een dergelijke les als voorbeeld zouden nemen moeten we aandacht besteden aan de structuur van de les. Dit betekend dus oa. het lesonderwerp duidelijk maken (erfelijkheid), de les logisch opbouwen (het bijvoorbeeld niet hebben over eugenetica als we het nog niet over genen en genetica gehad hebben) en de hoofd van bijzaken onderscheiden.
Je kan de leerlingen de opdracht geven om te kijken hoe de genetica zich in de eigen familie manifesteert.Zo kunnen de leerlingen de eigen genen aan het werk zien in de oogkleur van hen en hun familieleden.
Belangrijke woorden om te onthouden en vaktermen kan je verduidelijken in woordlijsten. Het helpt echter ook wanneer de leerlingen de herkomst van een woord kennen. Dit helpt om die woorden makkelijker te onthouden.
Bvb Eu-genetica: Grieks voor ̉εύ ("goed") en ̉γίγνομαι ~gignomai ("geboren) --> de leer van de verbetering van het menselijk nageslacht door voorkoming van de verbreiding van erfelijke ziekten en van invloeden die schadelijk kunnen inwerken op de genen; voorkóming van overdracht van ongunstige erfelijke informatie (http://www.nederlands-woordenboek.com/eugenetica/).
Het gebruik van dit soort woorden in haar juiste context zal voor de leerlingen verduidelijken hoe en wanneer een woord gebruikt wordt. Om te voorkomen dat leerlingen niet durven vragen naar de betekenis van het woord, is het goed om af en toe het woord met een synoniem te verduidelijken.
Daarnaast is het belangrijk om een goed klasklimaat te onderhouden zodat leerlingen zich niet geremd voelen om vragen te durven stellen.
Daarnaast is het belangrijk om een goed klasklimaat te onderhouden zodat leerlingen zich niet geremd voelen om vragen te durven stellen.
donderdag 4 april 2013
Tower tussentijdse reflectie 1
Op het ogenblik dat mijn kubus arriveerde, ben ik ermee beginnen experimenteren. Binnen een aantal minuten was mijn kubus onherstelbaar door elkaar gehaspeld. Ik leerde de mogelijkheden van het voorwerp kennen en ervoer welke vlakken ik kon draaien en welke niet.
Na deze verkennende fase begon ik een plan uit te werken. Mijn vorige kubus moest ik van onderuit opbouwen. Echter aangezien ik de uiterste vlakken van de toren niet op een gelijkaardige manier kan roteren, kan dit hier niet het geval zijn. Andere mechanismen zijn duidelijk van toepassing.
Een vlak uit jezelf maken is één aspect van het bouwen van de kubus, daar is inzicht voor nodig. Deze kennis volstaat echter niet om een hele kubus ineen te puzzelen. om een basis te weten te komen over het opbouwen van de 'Tower' ben ik beginnen surfen op het internet.
Er bestaan tal van methodes om dit te doen. Op basis van de helderheid van de methode, besloot ik hem van binnen naar buiten op te lossen.
Op basis van de hierdoor beschreven methode slaag ik erin het middelste gedeelte van mijn kubus te herconstrueren. Jammer genoeg is er op dit ogenblik nog redelijk wat trial en error mee gemoeid.
Deze 'Tower' is duidelijk een ander paar mouwen dan mijn kubus van een paar zomers geleden.
Ik hoop dan ook de deadline te halen en erin te slagen om de hele toren onder de knie te krijgen. Want dat is op dit ogenblik nog niet zo vanzelfsprekend.

Na deze verkennende fase begon ik een plan uit te werken. Mijn vorige kubus moest ik van onderuit opbouwen. Echter aangezien ik de uiterste vlakken van de toren niet op een gelijkaardige manier kan roteren, kan dit hier niet het geval zijn. Andere mechanismen zijn duidelijk van toepassing.
Een vlak uit jezelf maken is één aspect van het bouwen van de kubus, daar is inzicht voor nodig. Deze kennis volstaat echter niet om een hele kubus ineen te puzzelen. om een basis te weten te komen over het opbouwen van de 'Tower' ben ik beginnen surfen op het internet.
Er bestaan tal van methodes om dit te doen. Op basis van de helderheid van de methode, besloot ik hem van binnen naar buiten op te lossen.
Op basis van de hierdoor beschreven methode slaag ik erin het middelste gedeelte van mijn kubus te herconstrueren. Jammer genoeg is er op dit ogenblik nog redelijk wat trial en error mee gemoeid.
Deze 'Tower' is duidelijk een ander paar mouwen dan mijn kubus van een paar zomers geleden.
Ik hoop dan ook de deadline te halen en erin te slagen om de hele toren onder de knie te krijgen. Want dat is op dit ogenblik nog niet zo vanzelfsprekend.

De groene delen zijn de delen die ik op dit ogenblik onder de knie heb en dus juist kan positioneren
woensdag 27 maart 2013
leerplandoelstellingen DCP
RIBZ 3e graad BSO:
Stimulerende start:
Vervolgens tonen we beelden van van Oscar Pistorius (de huidige wereldrecordhouder op de 100 m, zonder benen). http://www.youtube.com/watch?v=I3fiyqEGddk
Evaluatiefase
Leerplandoelstelling: Procesdoel 3 Humaniseren van het samenleven met anderen:
1.1. Uitdiepen van de mogelijkheden van de mens.
° De biologische mens
* Evolutie
- nieuwe mogelijkheden: robotica, prothesen, kunstorganen,..
Lesdoelen:
Leerlingen kunnen 3 voordelen van kunstorganen en prothesen benoemen
Leerlingen kunnen 3 nadelen van kunstorganen en prothesen benoemen.
Leerlingen nemen een positieve houding aan tegenover mensen met een beperking.
Leerlingen kunnen met eigen woorden het verschil uitleggen tussen een prothese en kunstorganen.
Leerlingen kennen de huidige 6 verschillende domeinen van de robotica.
Leerlingen vormen een kritische mening ten opzichte van robotica in de maatschappij.
In het eerste deel van de les zien de leerlingen een fragment van Robocop. (http://www.youtube.com/watch?v=WxflEz4VDy0) Een politieagent uit de toekomst die artificieel is versterkt. Na het fragment worden de leerlingen naar hun mening over deze robocop gevraagd. Algemeen wordt hij als een cool personage beschouwd. Dit positieve gevoel houden we even vast. We vergelijken hem nu met de afbeelding van een gewoon politieagent. Uit het gesprek komt de mening over beide personages aan bod. Wie de coolste is zal misschien niet uitgemaakt worden, maar Robocop zal redelijk wat punten op zijn credo krijgen
Vervolgens tonen we beelden van van Oscar Pistorius (de huidige wereldrecordhouder op de 100 m, zonder benen). http://www.youtube.com/watch?v=I3fiyqEGddk
Ook hier vragen we naar het gevoel dat dit bij de leerlingen oproept.
Hoewel er verschillenden zullen zijn die dit ook indrukwekkend zullen vinden, zal zijn beperking meer mensen opvallen.
Wanneer we hem dan vergelijken met Usain Bolt, zal Oscar Pistorius waarschijnlijk minder 'cool' zijn dan Robocop in de vorige vergelijking.
Hoewel er verschillenden zullen zijn die dit ook indrukwekkend zullen vinden, zal zijn beperking meer mensen opvallen.
Wanneer we hem dan vergelijken met Usain Bolt, zal Oscar Pistorius waarschijnlijk minder 'cool' zijn dan Robocop in de vorige vergelijking.
Een klasdiscussie over wat nu het verschil is tussen een Robocop & agent en Pistorius & Bolt kan volgen.
Evaluatiefase
Het evolutie bordspel.
Een ganzenbord-vormig spel waarbij de deelnemers (kan ook in groepjes wanneer de klas te groot is om elk individueel deel te nemen) bij de start een ééncellig lichaam zijn. Door middel van dobbelsteenworpen raken ze steeds verder in de evolutie (eencellig>meercellig>waterdier>landdier>....) Op verschillende vakjes trekken de leerlingen vragen met betrekking tot de les ( afbeelding waarop ze een prothese moeten herkennen, som voordelen van prothesen/kunstorganen op/ afbeelding van een domein van de robotica bvb leger herkennen en benoemen/...) deze moeten ze beantwoorden om verder in het evolutionaire proces te komen.
Een ganzenbord-vormig spel waarbij de deelnemers (kan ook in groepjes wanneer de klas te groot is om elk individueel deel te nemen) bij de start een ééncellig lichaam zijn. Door middel van dobbelsteenworpen raken ze steeds verder in de evolutie (eencellig>meercellig>waterdier>landdier>....) Op verschillende vakjes trekken de leerlingen vragen met betrekking tot de les ( afbeelding waarop ze een prothese moeten herkennen, som voordelen van prothesen/kunstorganen op/ afbeelding van een domein van de robotica bvb leger herkennen en benoemen/...) deze moeten ze beantwoorden om verder in het evolutionaire proces te komen.
De leerlingen krijgen in dit spel ook de kans om keuzes te maken in hun evolutie. Door juist op de vragen te beantwoorden krijgen ze de keuze om bijvoorbeeld te kiezen tussen meerdere mutaties.
Bij aanvang van het spel maakt dit niet zoveel uit. Echter op het einde van het spel krijgen ze op die manier de keuze tussen verschillende post-menselijke varianten (zoals x-men personages: dit is een strip en filmreeks gebasseerd op mutaties en evolutie, cyborgs, diermensen, etc ..). Zij die als eerste over de finish komen zijn 'the fittest'.
Bij aanvang van het spel maakt dit niet zoveel uit. Echter op het einde van het spel krijgen ze op die manier de keuze tussen verschillende post-menselijke varianten (zoals x-men personages: dit is een strip en filmreeks gebasseerd op mutaties en evolutie, cyborgs, diermensen, etc ..). Zij die als eerste over de finish komen zijn 'the fittest'.
Op die manier kunnen we een hoofdstuk over evolutie en de mogelijkheden van de mens afsluiten.
Leerplandoelstellingen (deel 2 van dossier leerplannen)
RIBZ: ASO, 3e graad, 1.2 Zelfstandig denken: Vrij onderzoek.
° Kritische benadering van het vrij onderzoek. - waardevrije wetenschap ? * wetenschap en ethiek* mag alles wat kan ?
Binnen dit thema kan onder andere een onderwerp als genetische manipulatie aanbod komen. Onlangs was er het proces mbt het genetisch gemanipuleerde aardappelveld dat vernietigd werd. (http://www.deredactie.be/cm/vrtnieuws/regio/oostvlaanderen/1.1034648)
Hierbij kan een discussie aan bod komen, waarin men zowel discussieert over het betreden en vernietigen van een wetenschappelijk project. Als over de toelaatbaarheid van zo'n projecten.
De wetenschap staat op dit ogenblik zover dat we ons bij bijna elke vernieuwing kan afvragen, mogen wij dit als mensen doen? Wanneer is iets te ingrijpend en hoever kunnen we mogelijke gevolgen overzien?
RIBZ: TSO, 3e graad: Bijzonder procesdoel 7: inzichtelijke omgang met de media. 7.1. Herkennen en verkennen
van de media.
In een internet generatie als de onze, is media erg belangrijk. Het is dan ook van cruciaal belang dat onze jongeren de verschillende media leren kennen en met een kritisch oog tegemoet treden.Heel wat jongeren hebben een facebook-account, dit geeft een makkelijke insteek naar de directe leefwereld van de jongere toe. Een klasgesprek over verschillende media (met bijvoorbeeld een woordspin aan bord) kan een inleiding geven op het thema. Ook de rol van die media kunnen dan aan bod komen. De voor- en nadelen van de verschillende media kunnen gebruikt worden om een direct inzicht te krijgen in het eigen mediagebruik.
Fragmenten uit bvb de film 'Social Network' kunnen hier helpen om de aandacht van de leerlingen bij de les te houden.
Hierbij kan een discussie aan bod komen, waarin men zowel discussieert over het betreden en vernietigen van een wetenschappelijk project. Als over de toelaatbaarheid van zo'n projecten.
De wetenschap staat op dit ogenblik zover dat we ons bij bijna elke vernieuwing kan afvragen, mogen wij dit als mensen doen? Wanneer is iets te ingrijpend en hoever kunnen we mogelijke gevolgen overzien?
RIBZ: TSO, 3e graad: Bijzonder procesdoel 7: inzichtelijke omgang met de media. 7.1. Herkennen en verkennen
van de media.
In een internet generatie als de onze, is media erg belangrijk. Het is dan ook van cruciaal belang dat onze jongeren de verschillende media leren kennen en met een kritisch oog tegemoet treden.Heel wat jongeren hebben een facebook-account, dit geeft een makkelijke insteek naar de directe leefwereld van de jongere toe. Een klasgesprek over verschillende media (met bijvoorbeeld een woordspin aan bord) kan een inleiding geven op het thema. Ook de rol van die media kunnen dan aan bod komen. De voor- en nadelen van de verschillende media kunnen gebruikt worden om een direct inzicht te krijgen in het eigen mediagebruik.
Fragmenten uit bvb de film 'Social Network' kunnen hier helpen om de aandacht van de leerlingen bij de les te houden.
dossier leerplannen
Leerplan Go: leerplannummer: 2006/040. Leerplan voor de 3e graad in het vak cultuurwetenschappen.
Leerplan OVSG: leerplannummer: 0/2/2006/299. Leerplan voor de derde graag in het vak cultuurwetenschappen.
Leerplan OVSG: leerplannummer: 0/2/2006/299. Leerplan voor de derde graag in het vak cultuurwetenschappen.
Elementen die in beide leerplannen terug te vinden zijn, zijn de volgende:
Introductieblad met alle algemene informatie (studierichting, onderwijsvorm,graad, leerplannummer,etc..)
In beide bundels is informatie terug te vinden over de
-Beginsituatie
-Algemene doelstellingen
-Leerplandoelstellingen, leerinhouden en specifieke pedagogisch-didactische wenken
-Algemene pedagogisch-didactische wenken
-Minimale materiële vereisten
-Evaluatie
-Bibliografie
Introductieblad met alle algemene informatie (studierichting, onderwijsvorm,graad, leerplannummer,etc..)
In beide bundels is informatie terug te vinden over de
-Beginsituatie
-Algemene doelstellingen
-Leerplandoelstellingen, leerinhouden en specifieke pedagogisch-didactische wenken
-Algemene pedagogisch-didactische wenken
-Minimale materiële vereisten
-Evaluatie
-Bibliografie
Op het eerste zicht is het leerplan van het OVSG veel uitgebreider. Zowel in aantal pagina's als het aantal verschillende hoofdstukken is een stuk uitgebreider. Ook de volgorde is op een andere manier opgebouwd.
De leerplandoelen zijn dezelfde. Ze worden in een andere volgorde geformuleerd, echter beide leerplannen wijzen erop dat de volgorde niet van belang is de componenten horen immers verbonden te worden.
In het GO leerplan is zijn de leerplandoelen nadrukkelijk aan de eindtermen gebonden. In het leerplan van het OVSG staat een begeleidend woord over hoe de eindtermen in de leerplandoelen verwerkt zijn, maar deze worden niet meer expliciet erin vermeld.
Pedagogische wenken
Hoewel beide leerplannen nadruk leggen op andere elementen die van belang zijn, namelijk: het procesgerichte (GO) en het zelfstandige leren (OVSG). Blijft de rol van de leerkracht dezelfde: een omgeving creëren waar de leerling op zoek verbanden over vakken heen kan leren maken. Beide leerplannen leggen dan ook de nadruk op het begeleid zelfgestuurd leren, met een rol voor de leerkracht als coach. Interactie en constructiviteit staan in beide visies dan ook centraal.
Mijn voorkeur:
Mijn voorkeur gaat uit naar het leerplan van het gemeentelijk onderwijs. Ik vind het als overzicht duidelijker en apprecieer heel erg de heldere link met de eindtermen. Het meer to-the-point gehalte zorgt ervoor dat je er gemakkelijker mee aan de slag kan. Zeker als startend leerkracht komt er zoveel op je af dat een helder overzicht meer dan welkom is.
Vakbekwaamheid in het volwassenonderwijs:
Zonder bewijs van pedagogische bekwaamheid mag ik enkel NCZ geven (zowel in de eerste, tweede en derde graad).
Wanneer ik in het bezit zal zijn van dit BPB, mag ik daarnaast ook cultuurwetenschappen geven. Ik heb echter geen vakbekwaamheid in het volwassenonderwijs.
Wanneer we een leerplan cultuurwetenschappen uit het volwassenonderwijs (GO: 06-07/1755/N) vergelijken met de vorige leerplannen valt inhoudelijk op dat men meer aandacht besteedt aan het type cursisten dat instroomt. Men benadrukt dat verschillende cursisten niet over voorkennis zullen beschikken..
De doelstellingen zijn echter gelijkaardig. Er ligt een grote nadruk op procesevaluatie, waarbij de leerkracht zichzelf in vraag dient te stellen wanneer de cursisten niet lijken te gaan slagen.
De pedagogische wenken leggen een gelijkaardige klemtoon. Binnen het kader van een Leven Lang Leren, benadrukt men het belang van het zelf in handen nemen van het leerproces bij de cursisten.
Wanneer ik in het bezit zal zijn van dit BPB, mag ik daarnaast ook cultuurwetenschappen geven. Ik heb echter geen vakbekwaamheid in het volwassenonderwijs.
Wanneer we een leerplan cultuurwetenschappen uit het volwassenonderwijs (GO: 06-07/1755/N) vergelijken met de vorige leerplannen valt inhoudelijk op dat men meer aandacht besteedt aan het type cursisten dat instroomt. Men benadrukt dat verschillende cursisten niet over voorkennis zullen beschikken..
De doelstellingen zijn echter gelijkaardig. Er ligt een grote nadruk op procesevaluatie, waarbij de leerkracht zichzelf in vraag dient te stellen wanneer de cursisten niet lijken te gaan slagen.
De pedagogische wenken leggen een gelijkaardige klemtoon. Binnen het kader van een Leven Lang Leren, benadrukt men het belang van het zelf in handen nemen van het leerproces bij de cursisten.
donderdag 21 maart 2013
DCP Opdracht pedagogische taak
- Als leerkracht levensbeschouwelijke vakken vind ik dat je rol in waardevorming een groter deel van je lesgeven bespeelt, dan van bijvoorbeeld in een vak wiskunde. De lesinhouden in een les NCZ zijn immers veel nadrukkelijker gericht op waardevorming en burgerschapszin.Als persoonlijke invulling van mijn pedagogische taal als vakleerkracht leg ik dan ook voornamelijk de nadruk op het creëren van een positief leefklimaat (in en buiten mijn les), aandacht voor actualiteit en het ontwikkelen van een democratische attitude. Daarnaast moet er ook ruimte zijn om het zelfbeeld in een positief klasklimaat te ontwikkelen. Het is belangrijk om de leerlingen voor te bereiden om de samenleving waarin ze leven en terecht komen.Een leerkracht zedenleer moet het al vaker hebben van een goede interactie tussen hem/haar en de klas. Het is dus vanzelfsprekend dat ook veel aandacht moet gaan naar wederzijds respect.Naar mijn mening moet een leerkracht zedenleer een vertrouwenspersoon kunnen zijn. De leerlingen die hij/zij ziet, zitten immers vaak in een periode in hun leven waar ze met veel nieuwe zaken leren omgaan. Deze zaken komen ook aan bod in de lessen zedenleer. Een leerling moet dan ook het gevoel hebben deze zaken te kunnen bespreken, zonder bang te zijn om vragen te stellen.Samen met vakken als cultuurwetenschappen en geschiedenis is zedenleer ook een vak waar burgerschap, multiculturaliteit, seksualiteit,..etc besproken kunnen worden. Het is dan ook belangrijk om de leerlingen hier een open en kritische geest bij te brengen.
Ook de leerling als individu moet zichzelf ontwikkelen en de kans krijgen om dit in de veilige omgeving van een klaslokaal te doen.Ik sprak hiervoor al als vakleerkracht maar dat zedenleer zich hier uitermate goed toe leent, valt gemakkelijk uit de leerplannen af te leiden. De procesdoelen van het leerplan zedenleer zijn dan ook nadrukkelijk gericht op de persoonlijke ontwikkeling van de leerling.Niet alleen in een ASO waar algemene vorming belangrijk is, ook in het leerplan van een technische opleiding vinden we volgende zaken terug:
MOREEL DENKEN TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID PRO DE BETROKKENHEID,VERANTWOORDELlJKHEID VOOR HUIDIGE EN TOEKOMSTIGE GENERATIES,(leerplan 3e graad TSO).In deze procesdoelen vind je gemakkelijk en duidelijk waarden en normen terug. Ik denk dat de kunst eruit bestaat om die niet te belerend over te brengen. We hebben dus de taak om waarden expliciet over te brengen. Het is echter belangrijk om dit met een verborgen curriculum te doen. Ik denk wanneer dat je zaken als de opwarming van de aarde aanbrengt, je de leerlingen bijvoorbeeld zelf naar voorbeelden moet laten zoeken. In plaats van hen belerend te zeggen dat ze moeten sorteren. Wanneer men het waarom van iets begrijpt, zal men veel gemakkelijker een gelijkgestemde attitude aan nemen.VRIJ EN ZELFSTANDIG LEREN DENKEN EN HANDELEN,HUMANISEREN VAN HET SAMENLEVEN MET ANDEREN,OEFENING IN ZINGEVING (Leerplan 3e graad TSO).Een tweede opgave is gevoelige thema's bespreekbaar maken. Over kwesties als abortus, euthanasie, homohuwelijk, multiculturaliteit zijn de meningen verdeeld. Het is belangrijk de thematiek aan bod te kunnen brengen met respect voor ieders mening. Elke leerling moet ook het gevoel hebben, dat hij op een veilige manier zijn mening kan uiten. Er zullen immers steeds in je klas leerlingen zitten die op de een of andere manier met die thema's reeds in contact zijn gekomen en met vragen of bedenkingen zitten. Het is als leerkracht ook belangrijk om de waarden en normen van je leerlingen te respecteren. Er zullen momenten komen dat je persoonlijke mening fundamenteel verschilt van die van je leerling. Het is dan belangrijk dat je leerlingen het gevoel hebben dat dit ook kan en mag.
zaterdag 16 maart 2013
tussentijdse beeld
Nadat ik mijn kubus een dag in mijn bezit had:

Een ongeluk (te hard gedraaid)
Gelukkig viel hij te herstellen.
Een ongeluk (te hard gedraaid)
Gelukkig viel hij te herstellen.
Abonneren op:
Reacties (Atom)